Inleiding
Kennis is niet voldoende voor het succes van een interventie. FFC benadrukt dat er gekeken moet worden naar meerdere niveaus binnen een afdeling of organisatie en de relatie daartussen. Een aantal voorbeeldvragen zijn:
- Wat is het beleid binnen de organisatie?
- Mag de patiënt bijvoorbeeld lopend naar een onderzoek, of moet hij altijd in bed vervoerd worden?
- Is de afdeling geschikt voor mobilisatie van patiënten, of zijn de gangen bijvoorbeeld te lang, recht en vol met obstakels zoals karren?
- Hoe verloopt de samenwerking tussen de verschillende disciplines binnen het team en hoe staat bijvoorbeeld het teamhoofd tegenover de implementatie?
Daarnaast spelen individuele factoren van een persoon een belangrijke rol. Zo zal een patiënt met een sterke angst om te vallen waarschijnlijk minder snel bereid zijn om te mobiliseren.
Het implementatieproces bestaat uit drie fases:
- de voorbereidingsfase,
- de implementatiefase
- de borging.
Deze fasen zijn niet strikt van elkaar te scheiden en kunnen op bepaalde momenten in elkaar overlopen. Fase 3, de borging, wordt bijvoorbeeld als aparte fase beschreven, maar speelt al een belangrijke rol tijdens de implementatiefase.
In dit hoofdstuk worden de drie fasen verder beschreven. Raadpleeg 'Bijlage 1' voor de checklist met de stappen die in de verschillende fasen in overweging kunnen worden genomen. Deze lijst is niet compleet, vul deze aan met stappen die specifiek voor de eigen afdeling relevant zijn.
Vooraf wordt door het ziekenhuis of de afdeling een projectleider aangesteld, die het aanspreekpunt is voor de implementatie van de interventie en de borging. Daarnaast worden er FFC coaches aangesteld, die aandachtsvelder zijn voor het thema bewegingsgerichte zorg.
Vooraf wordt door het ziekenhuis of de afdeling een projectleider aangesteld, die het aanspreekpunt is voor de implementatie van de interventie en de borging. Daarnaast worden er FFC coaches aangesteld, die aandachtsvelder zijn voor het thema bewegingsgerichte zorg.